Antheil – Ballet Mécanique

‘Machines zijn muzikaal. Dit uit zich niet in de vorm, maar in hun beweging en energie’, schreef dichter en muziekinitiator Edward Pound in 1924. Pound was een vriend van de Amerikaanse componist George Antheil (1900-1959) die in de jaren twintig van de vorige eeuw in Parijs verbleef en contacten onderhield met de toenmalige avant-garde. Onder zijn kunstvrienden bevonden zich Eric Satie, Man Ray, Pablo Picasso, leden van de Groupe des Six, en zijn voorbeeld Igor Stravinsky (1882 – 1971). Antheil voldeed aan de stelling van zijn vriend door in zijn muziek gebruik te maken van sirenes, propellers, elektrische bellen en een batterij aan slagwerk. Zo had hij een klankwereld gecreëerd die refereerde aan de geluidsatmosfeer van de twintiger jaren. Overigens had hij zich aangesloten bij de in Nederland opgerichte Stijlgroep met onder andere de avant-gardistische kunstenaars Piet Mondriaan en Gerrit Rietveld.

Nooit eerder bezorgde een uitvoering van een muziekstuk zo’n sensatie als het geruchtmakende Ballet mécanique uit 1924 van componist George Antheil. Het stuk was eigenlijk bedoeld voor een soundtrack voor een abstracte film van een aantal beroemde kunstenaars uit die tijd (jaren twintig), maar het muziekstuk ging al spoedig een eigen leven leiden. Het zou een verheerlijking moeten worden van het mechanische. Zo gebruikte Antheil behalve een podium vol slaginstrumenten, een serie van zestien pianola’s (automatische piano’s) en vliegtuigpropellers. De eerste uitvoeringen in 1926 veroorzaakten een hevig tumult. Critici schreven: ‘Die Antheil behoort in het gekkenhuis!’. Vanaf die tijd werd de musicus de ‘Bad Boy’ van de muziek genoemd.

Antheil, die tevens uitvinder en schrijver was, verhuisde in 1936 naar Hollywood waar hij zich toelegde op het componeren van filmmuziek.

ANTHEIL BALLET MÉCANIQUE NUMMER 307