Bruch – Vioolconcert

Max Bruch (1838-1920) werd als zoon van een rijksambtenaar in Keulen geboren. Zijn muzikaliteit erfde hij van zijn moeder. Toen hij veertien was, had hij reeds een symfonie en strijkkwartet op zijn naam staan. Het was aangrijpende muziek met klanken vol leed, spijt en berusting. Zijn grootste hit werd bovengenoemd vioolconcert (1866). Een ander belangrijk werk is Kol Nidrei uit 1880, een gebed voor cello en orkest naar een melodie uit de synagogale muziek. Resteert nog Bruchs Lied von der Glocke te vermelden, een oratorium op teksten van Schiller. Bruch wordt bestempeld als een conservatief componist die de lijn Beethoven, Brahms en Mendelssohn doorzette.

Met de grote romantische vioolconcerten worden meestal de vioolconcerten van Beethoven, Brahms, Tsjaikovski, Mendelssohn en Bruch bedoeld. Het Vioolconcert 1 in g mineur met het zeer fraaie langzame deel van Bruch is veruit het bekendste werk van de componist. Het werd geschreven dertien jaar voor het prachtige vioolconcert van Brahms (1833 – 1897).

Doctor Max Bruch maakte verschillende versies van zijn vioolconcert, waarbij hij duidelijk rekening hield met de op- en aanmerkingen van de Hongaarse super violist Jozef Joachim (1831 – 1907). De definitieve versie van het Vioolconcert is van 1867. De première werd verzorgd door Joachim, die eerder een van de eerste uitvoerders was van het zogenaamde onbespeelbare vioolconcert van Beethoven. Ook bracht Joachim de première van het eveneens ‘onbespeelbare’ concert van Brahms ten gehore. Bruch was niet altijd blij dat men zijn Vioolconcert 1 uitvoerde. Want waar speelde men zijn Vioolconcert 2 nauwelijks of de Schotse Fantasie, eveneens voor viool en orkest…

Pianist Arthur Rubinstein (1887-1982) studeerde compositie bij Max Bruch.

BRUCH VIOOLCONCERT NUMMER 023