Debussy – La demoiselle élue

Zijn medestudenten op het conservatorium schrokken soms van Debussy’s rare fratsen achter de piano. Leraren keken nors als zij hem ‘fout na fout’ hoorden spelen. Opdrachten maakte Claude eenvoudigweg niet omdat hij ze onmuzikaal vond. De opstandige Debussy wilde de wereld tonen dat de traditionele muziek aan haar einde gekomen was.

In de dagen dat Claude Debussy (1862- 1918) zijn eerste composities inleverde, was er in Parijs een heuse Wagnercultus aan de gang. Maar Debussy moest niets hebben van het pompeuze gedoe van Wagner, Mahler en Bruckner en sloot zich aan bij een componisten groep die de nieuwe Franse muziek propagandeerde.

Al op achttien jarige leeftijd had Claude Debussy de fel begeerde Prix de Rome op zak. Een aantal jaren later dong hij wederom mee. Al had hij in een muziekvakblad de burgerlijkheid van deze pretentieuze muziekwedstrijd behoorlijk afgekraakt en de Prix de Rome een sportmanifestatie genoemd. Ook bespotte hij in hetzelfde artikel de conservatieve juryleden die nog steeds in de ban waren van Beethoven en vooral Wagner.

In 1889 leverde hij een nieuw werk in, La demoiselle élue (de uitverkoren jonkvrouw), een cantate voor sopraan, alt (of mezzo), vrouwenkoor en orkest gedeeltelijk op tekst The blessed damozel uit 1847 van de Engelse dichter en schilder Dante Gabriel Rosetti (1828-1882). Ondanks de al typisch aanwezige Debussy instrumentatie en dromerige atmosfeer van het stuk en hier en daar ook nog Wagner invloeden (tegen wil en dank?) viel het stuk niet in de prijzen.

DEBUSSY LA DEMOISELLE ELUE NUMMER 415