Liszt – Totentanz

In de eerste plaats was Franz Liszt (1811-1886) pianist, hij was zo ongeveer de beste die er in zijn tijd op de aarde rondliep. Hij was een acrobaat op zijn instrument. De klavierleeuw, werd hij wel genoemd. Liszt was in staat om een compleet symfonieorkest uit zijn piano te halen. Hij speelde zoals zijn idool Nicolo Paganini (1782 – 1840) viool speelde. Evenals deze Italiaan kreeg Liszt het etiket duivelskunstenaar opgeplakt. Al moet er direct aan toegevoegd worden dat Liszt ook zeer vertederende pianostukken heeft gecomponeerd, waaronder bijvoorbeeld de Liebestraumen en de Consolations.

Rond 1860 voltooide Liszt zijn Totentanz in d mineur. Een spektakelstuk over de dood voor piano en orkest. Het is eigenlijk een reeks variaties op de Gregoriaanse melodie Dies Irae ( Dag des oordeels) waarin Liszt akelige dodendansen ten gehore brengt. Het is bekend dat Liszt een fascinatie had met alles wat met de dood te maken had. Hij bezocht ziekenhuizen met stervenden en gevangenissen met ter dood veroordeelden.

Liszt schreef dit werk voor zijn schoonzoon en dirigent Hans von Bulow (1830 – 1894) die het in 1865 in première bracht. Een aantal jaren daarvoor had zijn vriend de Franse componist Hector Berlioz (1803 – 1869) hetzelfde Dies Irae-thema door een tuba laten klinken in zijn Symfonie Fantastique.

Het schijnt dat Liszt zich voor het maken van deze indrukwekkende compositie heeft laten inspireren door het schilderij De triomf van de dood van Hans Holbein (1497 – 1543). Het bijna lugubere begin van het stuk, met voor die tijd ongehoorde dissonanten en meppen op de piano, moet de toenmalige luisteraars versteld hebben doen staan.

Dodendans of Totentanz is in het Frans Danse Macabre. Camille Saint-Saens (1835 – 1921) schreef een beroemde Danse Macabre. In de schilderkunst zijn Dodendansen bekend van Holbein, Brueghel en Bosch.

LISZT TOTENTANZ NUMMER 178