Mahler – Symfonie 3

Het zal bekend zijn dat de monumentale symfonieën van Gustav Mahler (1860-1911) in zijn tijd matig gewaardeerd werden. Na een concert in Linz werd zijn muziek zó slecht ontvangen en werd de componist zó zot bejegend dat hij een volgend concert afzegde en aan zijn vrouw Alma schreef: ‘Waarom zou ik steeds maar weer tegen me aan moeten laten pissen? Ben ik soms een lantaarnpaal?’ Ook de antisemitische pers had niets op met de joodse componist en wakkerde het vuurtje tegen hem voortdurend aan. Met de Symfonie 3 keerde het tij, met dit werk boekte Mahler zijn eerste voorzichtige succes. Ooit sprak Mahler de volgende woorden: ‘Die Zeit für Meine Musik wird noch kommen.’

Zes delen liefst telt de Symfonie 3 in d mineur uit 1896. Behalve een zeer uitgebreid symfonie-orkest met veel koper en slagwerk, horen we een alt, een jongens- en een vrouwenkoor. Verder speelt er een uit het zicht opgestelde extra groep musici. Het werk is gebaseerd op mens en natuur.  Symfonie 3 duurt maar liefst circa anderhalf uur. Het is daarmee een van de langste uit het symfonie-repertoire. Gezien de duur van het stuk en de uitgebreide bezetting werd in 1896 alleen het tweede deel uitgevoerd (Berlijn). Een jaar later volgden uitvoeringen van andere delen. Onder leiding van Mahler zelf beleefde Symfonie 3 (compleet) pas in 1902 in Krefeld haar premiere.

Hoewel Mahler van mening was dat muziek voor zichzelf moet spreken, heeft hij bij elk deel commentaar geschreven. Het betreft hier dus een programmasymfonie. Lieflijke natuurtaferelen tegenover de angst van het aardse bestaan. Maar ook oerkrachten, engelen, mensheid, en liefde. Zoals we van Mahler gewend zijn, wemelt het in deze reuze symfonie weer van de signalen, met daarin de hoofdrol voor koper- en houtblazers, en duidelijk op de voorgrond enkele magistrale hoornpassages. Daarnaast haast kinderlijke volksliedachtige thema’s.

MAHLER SYMFONIE 3 NUMMER 181