Puccini – Madama Butterfly

Na de opera Aïda van Giuseppe Verdi (1813 – 1901) te hebben gezien, wist Giacomo Puccini (1858-1924) het zeker, hij zou muziek gaan studeren. De Italiaan Puccini had reeds enige jaren ervaring als muziekstudent op het orgel, maar nu zou het serieuze werk beginnen! Op zijn 22e jaar begon hij met een studie aan het conservatorium van Milaan. In 1893 kwam zijn doorbraak met de opera Madame Lescault. Deze opera zette gelijk de toon voor veel van Puccini’s latere opera’s, waarin een vrouwelijke heldin de hoofdrol speelt.

Over zijn opera Madama Butterfly uit 1904 heeft Puccini maar liefst drie jaar gedaan. De reden hiervan was een auto-ongeluk die de maestro ruim een jaar aan bed gekluisterd deed zijn. Madama Butterfly ging in 1904 in première in de Scala in Milaan. Het werd waarschijnlijk Puccini’s grootste flop. Puccini betaalde de Scala het verlies dat ze op de opera had geleden terug, en begon de opera, waarvan hij zelf vond dat het zijn beste was, te herschrijven. Puccini’s Madama Butterfly, die rijk is aan oosterse klanken, berust op een waar gebeurd verhaal. Puccini componeerde graag opera’s uit het dagelijks leven, met verhalen die werkelijk zijn gebeurd of anderszins realistisch overkomen. Men noemt deze stroming Verisme (vero betekent waar of werkelijk).

Het verhaal van deze opera: een Amerikaanse legerofficier trouwt met de Japanse Butterfly, maar zal haar later weer verlaten. Daarop keert de familie Butterfly zich tegen haar. Madame Butterfly baart een zoon en wacht op de vader. Als deze terugkeert, heeft hij zijn nieuwe Amerikaanse vrouw meegenomen. Butterfly, helemaal kapot van alles, neemt afscheid van haar kind en snijdt haar keel door.  Hoogtepunten: Ah! Quanto cielo, Un bel di vedremo en Lascialo giocar.

PUCCINI MADAMA BUTTERFLY NUMMER 163