Schumann – Frauenliebe und leben

Het grootste drama in het leven van de Duitse componist Robert Schumann (1810-1856) is bij velen bekend: Schumann was voorbestemd om pianovirtuoos te worden, maar door een te enthousiaste training om zijn vingers lenig te houden, hield hij daar een verlamming aan over. Het gevolg was dat zijn vrouw Clara zijn composities ten gehore bracht, terwijl de componist soms als een gebroken man als toehoorder in de zaal zat.

Vóór 1840, door het huwelijk met de pianiste Clara Wieck het gelukkigste jaar in zijn korte leven, componeerde Schumann louter pianowerken. Maar het jaar 1840 bracht de ommekeer. Tijdens zijn eerste huwelijksjaar componeerde Schumann meer dan honderd liederen, vrijwel allen opgedragen aan zijn vrouw Clara. Uit dit jaar stammen eveneens zijn liederencycli, Dichterliebe (naar Heine), Liederkreis opus 24 (naar Heine), Liederkreis opus 39 (naar Eichendorf) en de uit acht liederen bestaande Frauenliebe und Leben (naar Aldelbert von Chamisso).

De titels van deze laatste liedcyclus spreken voor zich zelf: Seit ich ihn gesehen, Er, der Herrlichste von Allen, Ich kann’s nicht fassen, Du Ring an meinem Finger, Helft mir, ihr Schwestern, Süsser Freund, du blickest, An meinem Herzen, Nur hast du mir den ersten Schmerz getan. De liederen beschrijven de loop van de liefde van de vrouw voor haar man, vanaf hun eerste ontmoeting.

Robert Schumann was niet de enige componist die de kunst verstond om op een unieke manier poëzie en muziek tot een nieuw soort kunst te laten versmelten. Andere componisten waaronder Franz Schubert, Hugo Wolf, Modest Moessorgski, Claude Debussy, Edvard Grieg, en vele anderen, slaagden hier eveneens in.

SCHUMANN FRAUENLIEBE UND LEBEN NUMMER 132