Schütz – Kerstoratorium

Heinrich Schütz (1585-1672) wordt de belangrijkste Duitse componist rond het midden van de zeventiende eeuw genoemd. Hij werd als jongen vanwege zijn mooie sopraanstem opgenomen in het knapenkoor van het internaat Mauritanum in Kassel. In Italië kreeg Schütz les van de beroemde Giovanni Gabrieli (1553 – 1612). In Italië werden ook zijn eerste werken gepubliceerd. Schütz werd de vader van de Duitse muziek genoemd.

Net als zijn tijdgenoot, de Nederlander Sweelinck (1562 – 1621), componeerde Schütz, eveneens organist, de Psalmen Davids (1619). Verder was hij componist van theaterwerken. Zo wordt hij wel de eerste Duitse operacomponist (opera Daphne) genoemd en ook schreef Schütz balletten en andere theaterwerken. De opera Daphne is helaas door brand verloren gegaan. Zo ook het begin en slotkoor van zijn beroemde Kerstoratorium.

Schütz combineerde de ‘pracht en praal muziek’ van de Italianen met de soberheid van de Duitse muziek. Een eveneens spraakmakend werk van hem is de begrafenismuziek Musikalische Exequien die hij componeerde voor zijn vriend en beschermheer prins Heinrich von Reuss.

In het Kerstoratorium (Historie der Geburt Christi) uit 1664 komt de grootheid van deze componist naar voren. Schütz, een belangrijk voorloper van Bach, weet de heersende Italiaanse stijl op wonderbaarlijke wijze te combineren met de strengheid van de reformatorische stijl. Schütz heeft zich met het werk ten doel gesteld om de muziek zuiver religieus te houden. De woorden van de evangelist vormen het hart van de compositie.

Andere geestelijke werken: Geistliche Chormusik (1648), Johannes Passion (1665), Matthäus Passion (1666), Die Sieben Worte Jesu am Kreuz (1645).

SCHÜTZ KERSTORATORIUM NUMMER 454