Sjostakovitsj – Vioolconcert 1

Eindjaren veertig van de vorige eeuw componeerde Dmitrie Sjostakovitsj zijn Vioolconcert 1. Tot een uitvoering kwam het echter niet omdat zijn muziek in Rusland verboden was. Samen met violist en vriend David Oistrach werkte hij aan de definitieve vorm van het Vioolconcert 1 in a mineur. Pas in 1955 kwam het tot een uitvoering. De componist droeg het werk op aan Oistrach.

Zoals vaak bij Sjostakovitsj vervult de hoorn een belangrijke rol in het vioolconcert. Het werk heeft vier delen in plaats van de gebruikelijke drie voor een soloconcert. De componist heeft voor een opzet gekozen zoals bij een symfonie. Langzaam – snel – langzaam – snel.

Het stuk begint met een nocturne. Een droevig begin met klagende strijkers. Dromerig, zoekend, onheilspellend zouden sleutelwoorden kunnen zijn. Daarna chaos in het tweede deel. Klanken die je onmiddellijk aan Sjostakovitsj doen denken. In een enorm tempo voert de viool dialogen met de rest van het orkest.  Een opstandig, hier en daar swingend tweede deel. Een breed spelend orkest met de hoorn in een hoofdrol in het derde deel met daarboven een weemoedige soloviool. Maar ook fanfareklanken. Tenslotte verbindt een breed uitgesponnen cadens het derde deel naar de finale. Het concert duurt al met al een kleine 40 minuten. Sjostakovitsj componeerde ook nog een Vioolconcert 2.

SJOSTAKOVITSJ VIOOLCONCERT 1 NUMMER 627