Balakirev – Symfonie 1

In 1894 componeerde Balakirev een mooie Symfonie 1 in de toonsoort C. Maar wat er nu precies zo Russisch aan het werk is, Joost mag het weten. Het werk opent langzaam met een pompeus klinkend orkest met vooral lage strijkers, doch spoedig versnelt het tempo en doet het vele koper en slagwerk haar intrede.

Tsjaikovski – Slavische mars

De Slavische mars (ook wel Servische mars genoemd) opus 31 in bes mineur uit 1876 werd in opdracht geschreven voor het Rode Kruis. Tsjaikovski voelde zich tijdens het schrijven een patriot. Hij moedigde met het stuk de Russische troepen aan die de Serviërs te hulp schoten tijdens hun conflicten met de Turken.

Tsjaikovski – Serenade voor strijkers

In zijn Serenade voor strijkers toont Tsjaikovski zijn melodische kwaliteiten. De mooiste melodieën schudt hij hier uit zijn mouw. Het kan niet anders of hij moet dit stuk tijdens een van zijn spaarzame gelukkige momenten geschreven hebben, want niets duidt op treurigheid.

Glinka – Ouvertures

Na jarenlang intensief contact met de westerse muziek gehad te hebben, legde Glinka zich toe op de volksmuziek uit zijn vaderland. Zo werd hij de vader van de Russische Nationale school genoemd. Hij gold als voorbeeld voor de componistengroep ‘De machtige vijf’

Rimski-Korsakov – Sheherazade

De suite, waarin de soloviool de rol van Sheherazade uitbeeldt, is getoonzet naar enkele vertellingen uit het Arabische volksboek Duizend en één nacht. De suite bestaat uit vier delen @heertoon

Borodin – Prins Igor

Prins Igor is een krijgsverhaal met duellen en liefdesscènes uit de twaalfde eeuw. Een vader en zijn zoon worden gevangen genomen door een Tartaarse heerser. De gevangengenomen zoon wordt verliefd op de dochter van de Tartaar en de vader weet te ontsnappen.