Puccini – Opera

De Italiaan Giacomo Puccini (1858 – 1924) kan beschouwd worden als de opvolger van operacomponist Giuseppe Verdi (1813 – 1901). Zelf vond hij dat hij in de schaduw stond van Verdi, maar ook van de Duitse operacomponist Richard Wagner (1813 – 1883). De operaliefhebber droeg hem echter op handen.

Puccini – Messa di Gloria

Puccini voltooide zijn Messa di Gloria in 1880. Het was een afstudeerproject voor het Muziekinstituut Pacini. De mis in zijn geheel werd nog niet gepubliceerd. Alleen het Credo werd als zelfstandig stuk vertolkt. Pas in de jaren vijftig van de twintigste eeuw werd het werk in zijn geheel uitgevoerd

Puccini – Il trittico

In 1918 ging in de Metropolitan in New York de operacyclus Il trittico (De triptiek) van Puccini in première. Drie eenakter-opera’s waarvan de componist hoopte dat ze niet los van elkaar gespeeld zouden worden. Deze hoop is niet uitgekomen, want het komt regelmatig voor dat er een of twee van de drie los van elkaar uitgevoerd worden.

Puccini – Madama Butterfly

Madama Butterfly ging in 1904 in première in de Scala in Milaan. Het werd waarschijnlijk Puccini’s grootste flop. Puccini betaalde de Scala het verlies dat ze op de opera had geleden terug, en begon de opera, waarvan hij zelf vond dat het zijn beste was, te herschrijven.

Puccini – Tosca

Het verhaal van de opera Tosca (1900) gaat als volgt: de politiechef Scarpia is op zoek naar een ontsnapte gevangene. De schilder Mario weet waar de gevangene is, maar ondanks dat hij door Scarpia gemarteld wordt, zwijgt hij.

Puccini – La Bohème

Puccini baseerde zijn opera op Henri Murgers boek Scènes de la vie de bohème. Over het leven jonge, arme Parijse kunstenaars.