Schubert – Octet

In 1824 schreef Schubert het Octet in F. De bezetting: twee violen, altviool, cello, contrabas, fagot, hoorn en klarinet. Men neemt aan dat het werd geschreven als voorbereiding voor zijn Symfonie 9. Het Octet kwam tot stand in dezelfde periode als zijn vermaarde Rosamunde-kwartet en alom het bejubelde kwartet Der Tod und das Mädchen.

Schubert – Symfonie 5

Symfonie 4 stond geheel in het teken van zijn idool Beethoven (1770 – 1827). Pas met Symfonie 5 schudde hij de invloeden van Beethoven van zich af en lijkt hij te zijn overgestapt naar het genie Mozart (1756 – 1791). Het werd zijn eerste grote symfonische werk.

Schubert – Strijkkwintet

Strijkkwintet in C opus 163 werd geschreven in de nazomer van 1828, tevens de nazomer van Schuberts leven. Het is de muziek van een hartstochtelijk intensiteit, een romantische droefheid, en gelukkig ook een spontane vrolijkheid.

Schubert – Liederen

Schubert was het middelpunt van een groepje kunstenaars die hun vertier zochten in het praathuis (kroeg). Deze avonden werden Schubertiades genoemd. Avond na avond brachten zij door met zingen, musiceren, voordragen, worst eten en brierdrinken.

Schubert – Strijkkwartetten

Vanaf zijn 11e schreef Schubert strijkkwartetten. Er zijn verschillende strijkkwartetten of delen van kwartetten verloren gegaan. We kunnen er van uitgaan dat hij er ongeveer 20 heeft geschreven.

Schubert – Schwanengesang

Net als in zijn liederenreeksen Winterreise en Die Schöne Müllerin gebruikte Schubert in Schwanengesang een beekje als gesprekspartner. Zo laat hij in het eerste lied het water een liefdesboodschap overbrengen. Verder is het een en al droefheid, hartstocht en onbeantwoord verlangen.

Schubert – Symfonie 9

Een monument van hemelse grootheid wordt Symfonie 9 ‘De Grote’, van Schubert genoemd. En inderdaad, je weet niet wat je hoort als je het stuk voor het eerst voorgeschoteld krijgt. Er zit een enorme drive in, een stuk vol levensvreugde. Hoe is het mogelijk zou je zeggen, want hij stierf toen de inkt nog nat was.

Schubert – Symfonieën

De Oostenrijker Franz Schubert (1797 – 1828) werd slechts 31 jaar. Toch schreef hij zo’n 1500 werken waaronder 9 symfonieën. De eerste 6 symfonieën kan men beschouwen als jeugdwerken. Symfonie 1 werd op 16 jarige leeftijd geschreven.

Schubert – Piano Solo

Het mag dan ook een wonder heten dat Schubert ons ondanks zijn ontberingen zoveel moois aan pianomuziek heeft nagelaten. We denken dan met name aan zijn Pianotrio nr. 1 in Bes, zijn Duitse dansen voor piano, de twee bundels Impromptu’s, zijn Moments Musicaux en natuurlijk de Pianosonates nrs. 20 in A en 21 in Bes.

Schubert – Duitse mis

Schuberts Deutsche Messe in F (1827) is eenvoudig van opzet. Het achtdelige werk doet denken aan een koraalmis. Door de eenvoud is de mis een dankbaar werk voor amateurkoren, die het zonder problemen in hun repertoire kunnen opnemen.