Janáček – Sinfonietta

Hoe zit het nu precies dames en heren biografen? Droeg Leoš Janáček (1854-1928) zijn meest beluisterde werk op aan de Tsjechische strijdkrachten, aan zijn grootmoeder of aan de turnverenging waar hij van jongs af aan lid was?! Wat in ieder geval zeker is, is dat hij zijn sprankelende Sinfonietta niet als krijgshaftig stuk bedoelde, maar als steun in de rug voor de hedendaagse vrije mens die hij met zijn muziek kracht en moed toewenst in geval van tegenspoed.

Leoš Janáček hield van absolute rust tijdens het componeren. ‘Elk voorvalletje dwingt mij tot onderbreken’, zei hij eens. ‘Een zoemende vlieg ga ik na tot ik hem geplet heb. Rust en stilte heb ik nodig. Bij het componeren is dat nu eenmaal zo met mij. Het is gelijk als een moeder die op het punt staat te bevallen. Wanneer zij bij deze natuurlijke daad gestoord zou worden, zou het kind wel eens verkeerd ter wereld kunnen komen’.

De Sinfonietta uit 1926 is een van de belangrijkste instrumentale werken van Janáček. Het stuk bestaat uit vijf delen en duurt twintig minuten. Janáček hield veel van zijn land en heeft uit alle macht geprobeerd de levenslust en de kracht van het Tsjechische volk door te geven. Vaak liet hij zich inspireren door het Tsjechische landschap. Tevens maakte hij regelmatig gebruik van militaire fanfaremuziek. De meeste muziek van Janáček is vrijwel direct herkenbaar aan de mozaïekachtige constructies met telkens terugkerende kleine variaties met zeer felle (koper)blazers. In de mini symfonie Sinfonietta zijn bovenstaande kenmerken ook te beluisteren.

JANACEK SINFONIETTA NUMMER 108