Schumann – Kinderszenen
De Duitser Robert Schumann (1810 – 1856) geldt als een van de grootste romantici van zijn tijd. De typische Schumann-stijl komt vooral in zijn pianocomposities tot uiting. In het bijzonder in de lyrische karakterstukken, waaronder Kinderszenen en Carnaval met daar in een veelal poëtische sfeer, een grote soepelheid en een fantasievolle vrijheid in vorm, harmonie en melodie. Zijn voorbeelden waren o.a. Beethoven, Schubert, Weber, Mendelssohn en Chopin.
Ondanks een rechtenstudie en zijn interesse voor literatuur was het de Italiaanse vioolvirtuoos en componist Nicolo Paganini (1782 – 1840) die Schumann aanzette om zich geheel aan de muziek te wijden. Samen met Franz Schubert (1797 – 1828) wordt Schumann de belangrijkste componist van het romantische lied genoemd. Vanaf 1840, het jaar van het huwelijk met Clara Wieck, schreef Schumann tientallen liederen waarvan hij de meeste opdroeg aan zijn geliefde vrouw. Eén van zijn topwerken in dit genre is de Dichterliebe naar gedichten van Heinrich Heine (1797 – 1856), lees nummer045.
Schumann had in 1838 een verzameling van 30 kleine pianowerkjes opgespaard. De componist omschreef ze als ‘dertig kleine koddige werkjes’. In 1840 selecteerde hij er 13 die hij aanduidde als vrolijke, zachte en melodische muziekjes. Clara kon het niet nalaten haar geliefde soms te betichten dat hij een kind was. Wellicht was dit de aanleiding om de dertien miniatuurtjes Kinderszenen (Scenes uit de kindertijd) te noemen. Andere bronnen beweren dat Schumann de stukjes schreef als heimwee naar zijn gelukkige kinderjaren. Met name nummer 7, Träumerei is zeer bekend. Dit klankjuweeltje werd door Schumann zelf liefdevol Das kleine Ding genoemd. Het is overigens een bekend feit dat Schumann eerst componeerde en daarna het stuk (soms) lukraak een titel gaf.
Heeft u een opmerking of aanmerkingen over dit item, horen wij dit graag van U.
SCHUMANN KINDERSZENEN NUMMER280
Nota bene
In de late avond van 8 mei 1945 ondertekende Duitsland in Berlijn de verklaring van overgave. In Rusland was het vanwege het tijdsverschil toen al 9 mei, waardoor zij deze dag als feestdag beschouwen. Traditioneel wordt dan uit de Kinderszenen van Schumann de Träumerei gespeeld, door Schumann zelf Das kleine Ding genoemd.
De Kinderszenen bestaat uit dertien piano-miniatuurtjes waarvan men aanneemt dat de componist ze schreef als heimwee naar zijn gelukkige jeugdjaren. Nummer zeven is de populaire Träumerei.
Opmerkelijk genoeg is dat Träumerei zangeres Anita Lasker-Wallfisch van de gaskamer redde. Zij was onderdeel van het vrouwenorkest in Auschwitz en voerde Schumanns Träumnerei uit voor de beruchte kamparts Jozef Mengele.