Palestrina – Mis en Motet
Giovanni Pierluigi da Palestrina die leefde van 1525 tot 1594 was een componist uit de renaissance. Hij werkte hoofdzakelijk in Rome en was in dienst van de katholieke kerk. Hij wordt wel de grootmeester van de katholieke kerkmuziek genoemd maar was tevens een van de belangrijkste voorlopers van de moderne westerse klassieke muziek. In ieder geval golden zijn composities als een hoogtepunt in de renaissancemuziek.
Palestrina werd in 1525 geboren in de plaats Palestrina 25 kilometer ten oosten van Rome, de stad waar hij in 1594 overleed. Als 12-jarige knaap zong hij in het koor van de basiliek Santa Maria Maggiore te Rome. Later was hij organist en kapelmeester in de kathedraal van zijn geboorteplaats. Hij trouwde en kreeg 2 zonen.
Palestrina was 30 jaar toen hij als zanger toetrad tot de pauselijke Sixtijnse Kapel. Daarna verschenen zijn eerste missen en kort daarop een boek met vierstemmige madrigalen.
Hoewel Palestrina wereldlijke werken heeft geschreven is zijn meeste werk Christelijk en om in de kerk te worden uitgevoerd. We denken dan met name aan zijn missen en motetten, met daarin polyfone rijkdom en teksthelderheid en verstaanbaarheid zoals het Concilie van Trente dit voorschreef.
Er worden meer dan honderd gezongen missen aan Palestrina toegeschreven met de volgende misdelen: Kyrie – Gloria – Credo – Sanctus – Benedictus – Agnus Dei. De absolute topper is de Missa Papae Marcelli (zie nummer100)
Bekende missen:
Missa Papae Marcelli – Missa Assumpta est Maria – Missa Brevis – Missa Aeterna Christi munera – Missa Tu es Petrus
Bekende Motetten:
Sicut cervus – Hodie Christus natus est – Tu es Petrus – Super flumina Babylonis – Adoramus te Christe
Heeft u een opmerking of aanmerkingen over dit item, horen wij dit graag van U.
PALESTRINA MIS EN MOTET NUMMER754
Nota bene
De kerkvergadering het Concilie van Trente (1545 – 1563) was een katholiek antwoord op de protestante reformatie waarin Maarten Luther in 1517 een grote rol speelde. Het concilie werd bijeengeroepen om een einde te maken aan de wantoestanden (het grote gezag van de paus, aflaathandel en corruptie) binnen de katholieke kerk. Resultaat was een scherper onderscheid tussen het protestantisme en katholicisme.
De protestante kerk vertaalde de bijbel in de landstaal, de katholieke kerk bleef bij het latijn. De katholieken lieten hun godshuizen versieren met beelden en schilderingen terwijl de protestanten hun kerken sober hielden en er ook geen Mariaverering gold.
De gevolgen voor de katholieke kerkmuziek na het concilie van Trente: ingewikkelde meerstemmigheid werd afgekeurd - de teksten moesten verstaanbaar zijn - geen wereldlijke melodieën als basis voor een mis - gregoriaans bleef de norm - geen overbodige versieringen.
De protestantse kerkmuziek was daarentegen eenstemmig met eenvoudige melodieën en teksten in de landstaal dus geen latijn. Deze gezangen werden koralen (psalmen) genoemd, waarvan menigeen later door Bach in zijn cantates en passies werden verwerkt.