Strauss – Don Juan

Knarsetandend moest de Duitse componist en dirigent Richard Strauss (1864-1949) soms de vreemdste gelijkenissen ondergaan met die andere Strauss, de walskoning Johann Strauss jr. Hij, de grote Richard Strauss, moest telkens weer smeken: Vergelijk mij alstublieft niet met die deuntjescomponist! Niet erg collegiaal, maar het zij zo. Richard Strauss was de componist van de opera’s, symfonische gedichten, kunstliederen… Strauss jr vierde hoogtij als koning van de wals!

Strauss componeerde zijn Don Juan opus 20 op 24 jarige leeftijd. Het is een werk voor groot symfonieorkest, waaronder maar liefst zes hoorns. (Dit instrument was het lievelingsinstrument van Strauss. Hij was de zoon van een hoornvirtuoos). Strauss zelf dirigeerde de première in november 1889. Het werd een klinkend succes, het begin van een grote carrière. Er spelen maar liefst zes hoorns mee.

Het eendelige muziekstuk duurt 20 minuten en is onder te verdelen in drie fragmenten:  1. Een grillig spelend orkest, beeldt de veroveraar en zelfbewuste Spaanse vrouwenversierder uit. Een mooie dame wordt het hof gemaakt= vioolsolo. De climax in de muziek duidt aan dat het doel bereikt is. 2. Een nieuwe verovering maar ook droefheid, de juiste vrouw wordt niet gevonden= hobo solo. 3. De stervende Don Juan. Een machtig slot met veel koper en pauken. Klagend klinkt het einde. Don Juan is verdoemd tot de hel. Al met al, een prachtig flitsend muziekwerk!

Andere bekende symfonische gedichten van Strauss: Tijl Uilenspiegel, Also sprach Zaratustra, Ein Heldenleben, Tod und Verklärung en Don Quichotte. Het knappe van de symfonische gedichten van Richard Strauss is dat de luisteraar er heel goed van kan genieten zonder de verhalende achtergrond te kennen.

STRAUSS R. DON JUAN NUMMER 275