Schubert – Piano Solo

Als we de Weense top componisten uit de periode 1750-1820 op een rijtje zetten, dan hebben we het over: Haydn, Mozart, Beethoven en Schubert. Van deze vier giganten heeft Franz Schubert (1797-1828) als uitvoerend musicus het minste geluk gekend. Ten eerste was hij geen pianovirtuoos, al kon hij uiteraard goed met het instrument overweg. Ten tweede ging hij zeer slordig met zijn werken om, en ten derde toonden uitgevers nauwelijks belangstelling voor zijn werken. Erger nog was het feit dat Schubert door zijn netelige financiële situatie niet altijd over een piano – of zelfs muziekpapier! – kon beschikken.

Het mag dan ook een wonder heten dat Schubert ons ondanks zijn ontberingen zoveel moois aan pianomuziek heeft nagelaten. We denken dan met name aan zijn Pianotrio 1 in Bes, zijn Duitse dansen voor piano, de twee bundels Impromptu’s, zijn Moments Musicaux en natuurlijk de Pianosonates nrs. 18 in G, 20 in A en 21 in Bes. Deze laatste sonate componeerde de doodzieke componist in zijn sterfjaar 1828. Wat Schuberts liedcyclus Winterreise voor de liedkunst is, is Pianosonate 21 voor de pianoliteratuur. Natuurlijk kunnen ook de honderden liederen met een ijzersterke pianobegeleiding niet ongenoemd blijven, en ook zijn beroemde Forellenkwintet, waarin de piano een prachtige en zeer belangrijke rol vervult.

Wisten zijn voorgangers Mozart en Beethoven tijdens hun concerten honderden mensen op de been te krijgen, Schubert had een zekere angst voor het podium. Hij begeleidde wel zijn eigen liederen, maar om ook zijn pianowerken op het toneel uit te voeren, dat vond hij wat ver gaan. Of dit kwam door zijn kleine gestalte (Schubert was slechts een meter vijftig groot) of dat het lag aan het feit dat hij zich als pianist onvoldoende bekwaam vond, is niet bekend…

SCHUBERT PIANO SOLO NUMMER 115