Strauss – Alpensymfonie

De in München geboren componist en dirigent Richard Strauss (1864 – 1949)  geldt als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de laat romantiek. Strauss was de zoon van een vermaard hoornist die zelf ook componeerde. Als jong kind speelde Richard Strauss piano en viool. Hij was twaalf toen hij zijn eerste compositie schreef en dit ook zelf dirigeerde. Strauss zou later vooral bekend worden door zijn symfonische gedichten. We noemen Don Juan, Tod und Verklärung, Also sprach Zarathustra, Till Eulenspiegel, Don Quichote, Ein Heldenleben, Metamorphosen.

In de jaren 1910 – 1915 schreef Strauss de Alpensymfonie voor orgel en uitgebreid symfonieorkest. Het betreft hier een muzikale beschrijving van een vierentwintig uur durende bergwandeling in de omgeving van Strauss’ woonplaats. Het werk bevat maar liefst 20 delen met titels als: nacht, beklimming, waterval, bloemenwei, dwaalspoor, alpenwei, onweer en storm, mist, zonsondergang… Met een stralende zon in het ochtendgloren opent de Alpensymfonie. Allereerst is daar gerommel en gebrom in de lage registers. Dan met de eerste zonnestralen barst het orkest los. Kuddes koeien komen langs en vogeltjes kwetteren er lustig op los.

Vanwege het zeer uitgebreide orkest wordt het werk niet dikwijls uitgevoerd. Behalve het normale symfonieorkest speelt er een orgel mee, verder  twee harpen, celesta, uitgebreid slagwerk, achttien extra koperblazers voor achter het podium, een wind- en dondermachine… Dit alles om het natuurgeweld kracht bij te zetten. Tegenover het orkestgeweld staan dan weer lieflijke sfeerimpressies die je aan kamermuziek doet denken.

STRAUSS ALPENSYMFONIE NUMMER 590