Sweelinck – Psalmen

De in Deventer geboren musicus Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621) was in feite een zoon van de Gouden Eeuw. De welvaart in de Nederlanden bloeide als nergens ter wereld. Er heerste een ongekende activiteit in de bouwkunst, beeldende kunst, letterkunde en wetenschap. Sweelinck onderhield contacten met de elite uit Amsterdam, waaronder Huygens, Vondel en Hooft.

Italië was op dat moment het land waar de meeste muzikale vernieuwingen plaatsvonden. Een in Italië werkzame tijdgenoot van Sweelinck was de Zuid-Nederlander Orlando di Lasso (1532-1594), componist van veel vocale werken.

Toen Jan Pieterszoon Sweelinck benoemd werd tot organist van de Oude Kerk in Amsterdam, werd orgelspel en meerstemmig zingen verboden. De componist bekeerde zich tot het protestantisme en werd door de stad benoemd tot organist (buiten de eredienst.) En zo werd Sweelinck beroemd door het geven van orgelconcerten (buiten kerktijd) en werd hij overstelpt door leerlingen uit alle windstreken.

De meeste Nederlanders kennen de naam van de componist en organist Sweelinck vanwege straatnamen, pleinen en gebouwen die naar hem zijn vernoemd. In zijn tijd echter werd de Nederlander gerekend tot de toonaangevende meesters van de orgelmuziek. Gezien zijn vele leerlingen die uit Duitsland kwamen opdraven, kreeg hij de bijnaam: Duitse organistenmaker. Sommige muziekgeleerden beschouwen Sweelinck als de grootste Nederlandse componist ooit.

Sweelincks meesterschap ligt in de instrumentale (orgel)kunst. Maar ook schreef hij een monumentaal oeuvre aan vocale muziek, waaronder vier bundels met meerstemmige zettingen van alle 150 Psalmen. Voor het eerst in de geschiedenis zijn nog niet zo lang geleden alle vocale werken van Sweelinck op cd gezet, waaronder De Psalmen (12 cd’s). Deze uitgebreide serie geestelijke polyfone werken vormt een monument in de Nederlandse muziek. De Psalmen van Sweelinck wordt wel het Magnum Opus genoemd.

SWEELINCK PSALMEN NUMMER 453