Prokofjev – Pianoconcerten

Behalve een groot componist was de Rus Sergej Prokofjev (1891 – 1953) een super pianist. Het is daarom niet verwonderlijk dat de componist een reeks pianoconcerten op zijn naam heeft staan.

Prokofjev was 20 jaar toen hij zijn Pianoconcert 1 (opus 10) in de toonsoort Des componeerde. Het korte werk van amper een kwartier, speelde Sergej tijdens zijn afstudeer finale aan het conservatorium.

In 1912 volgde het Pianoconcert 2 in g mineur. Men moest aanvankelijk wennen aan de moderne klanken. Prokofjev was zelf de solist tijdens de première in 1913. Het publiek had het idee dat het niet serieus genomen werd door de componist met zijn muzikale chaos. Tegenwoordig wordt Pianoconcert 2 bezegeld als een meesterwerk. Het werk telt 4 delen, waarin zowel in het 1e deel als de finale een lange cadens te horen is. Het 3e deel valt op door een marsachtig begin (dat aan Moessorgski doet denken) met stevig koper in de hoofdrol. Pianoconcert 2 staat te boek als het concert met een zeer moeilijke pianopartij.

Pianoconcert 3 in C opus 26 uit 1921 is het meest populaire uit de reeks en is als zelfstandig item opgenomen in het archief: (http://klassiekemuziek.tv/prokofjev-pianoconcert-3/)

In 1931 voltooide Prokofjev zijn Pianoconcert 4 opus 54 in B, het concert voor linkerhand in opdracht van het oorlogsslachtoffer Paul Wittgenstein. In 1956 was de eerste uitvoering. Prokofjev heeft het concert zelf nooit voor publiek uitgevoerd. Het concert heeft vier delen (vivace – andante – moderato – vivace) en duurt ongeveer 25 minuten.

Pianoconcert nr. 5 in G, opus 55 is het laatste pianoconcert van Prokofjev. Het concert telt 5 delen. Prokofjev zelf was in 1932 de solist tijdens de première in Berlijn. Niet iedereen was even enthousiast over het furieuze, onrustige en uiterst virtuoze concert. Het 3e deel, larghetto, dat ietwat dromerig aandoet en in schril contrast staat met de overige delen wordt als rustpunt en misschien ook wel als het hoogtepunt beschouwd.

PROKOFJEV PIANOCONCERTEN NUMMER 676